Niet wassen!!! (Duitsland 93)

Filed Under (Anika, Bitterfeld, Bloggers, Duitsland, Landen) by Anika Redhed on 29-12-2008

Tagged Under : , ,

Gij zult niet wassen tussen kerst en Nieuwjaar!

Niemand zal een goede Duitse huisvrouw erop betrappen een dezer dagen te wassen. Waarom kan ze je niet vertellen, maar de wasmachine blijft uit. En dat ze zelf niet weet, waarom ze niet wast, doet ook niet ter zake. Het hoort niet en dat is afdoende.

Stinkende bedlakens, onderbroeken met gele vlekken, het valt in het niets bij de gevolgen van een welriekend hemd: Volgens het bijgeloof sterft een nabestaande het jaar erna als er tussen kerst en Nieuwjaar gewassen wordt.
Google leert, dat het mogelijk met een witte ruiter te doen heeft. Hij rijdt in die tijd door het land en fladderende witte was jaagt zijn paard angst aan. Dus vervloekt de ridder die huizen waar de was buiten hangt en wenst hen ongeluk. Een andere verklaring is, dat het bijgeloof is verzonnen om de huisvrouwen een beetje rust te gunnen. Ook zou het ertoe leiden, dat je het hele jaar heel veel was hebt. Ik stem op de vierde verklaring: het is een teken dat men zich niet goed op de feestdagen heeft voorbereid als men in deze tijd moet wassen. De buren weten zo gelijk, dat je een slechte huisvrouw bent.

Wat de buren denken, is belangrijker dan wat je van jezelf denkt. Gordijnen zijn een levensredder ’s avonds, want stel je voor dat de buren zien dat wij op de bank zitten! De ramen moeten schoon zijn om twee redenen: 1. wat zullen de buren ervan denken als ze vies zijn? 2. Zo kan men de buren beter zien. Je moet weten hoe vaak ze op vakantie gaan, wat voor auto ze rijden, wat de nieuwe vriendin van de zoon doet en of ze hun ramen vaak genoeg wassen. Weten wat de buren doen is belangrijker dan een schone onderbroek dragen.


A. Redhed©

Jungleheat (Vietnam 7)

Filed Under (Anika, Bitterfeld, Bloggers, Duitsland, Landen) by Anika Redhed on 28-12-2008

Tagged Under : , ,


De ventilator draait sneller dan hij draaien kan. Een bungelend peertje verlicht de verder donkere kamer. Getoeter en geschreeuw komen van de straat door de open balkondeuren het kleine, klamme kamertje binnen. C. Wringt zich langs het bed en legt alles klaar: schoon verband, schaar, tape en het gevreesde flesje gele vloeistof. Zweet staat op zijn rug uit angst iets verkeerd te doen. Druppels staan op zijn voorhoofd, omdat hij weet wat hij me aan gaat doen.

‘Ik voel me net als in een oorlogsfilm, waar ze midden in de jungle de gewonden met beperkte middelen moeten behandelen,’ zegt hij.

En ik ben de gewonde soldaat. Zwetend lig ik op bed. De glimmende roodgele vlek op mijn been vormt een groot contrast met het witte laken.

‘Ben je er klaar voor?’ vraagt C.

Ik druk een handdoek in mijn gezicht om het geluid te dempen en knik.

Suske en Wiske en de vriendelijke vrouw (Vietnam 6)

Filed Under (Anika, Bitterfeld, Bloggers, Duitsland, Landen) by Anika Redhed on 17-12-2008

Tagged Under : , ,

Er komt een dag dan vertrouw je niemand meer.

We zitten op een gehuurde brommer als er een vrouw naast ons komt rijden.
‘Waar gaan jullie naartoe? Ach, daar woon ik. Wat toevallig. Jullie kunnen mij wel volgen,’ zegt ze. Een van de oudste trucs uit het boekje ‘hoe licht ik buitenlandse toeristen op’. We trappen er met vier ogen in.
De weg lijkt eeuwig te duren en als we eindelijk op de veranda voor haar huis zitten, geeft ze toe dat we twintig kilometer verder zijn gereden dan we wilden.
‘Het andere graf is dicht vandaag,’ probeert ze zich te redden. Truc nummer één.

Ze brengt ons naar een graf bij haar in de buurt en begint dan te bedelen om geld voor haar kinderen of dan tenminste bezinegeld. Als ze merkt dat we niet van plan zijn te betalen, zegt ze op zeer nijdige toon iets tegen het meisje dat op onze brommer moet passen. We vertrouwen het niet en rijden naar de andere ingang.

Een vrouw wenkt ons. We kunnen onze brommer bij haar parkeren. We hoeven er niets voor te betalen, alleen straks drinken bij haar te kopen. Dat beloven we. Er zitten van de hitte al geen mussen meer op het dak en het ‘graf’ is een grote tuin met meerdere gebouwen, lotusvijvers en een plein met stenen paarden, olifanten en mandarijnen, die de gestorven keizer Minh Mang in het hiernamaals moesten helpen. Na twee uur wandelen en zweten bestellen we graag wat te drinken bij de vriendelijke vrouw die zo goed op onze brommer en helmen heeft gepast. We bestellen ook nog wat te eten bij haar (mijn eerste bordje po). Ze kletst met ons, glimlacht en zwaait ons zelfs uit wanneer we wegrijden. En pas dan kijken we naar de metertjes en zien dat onze benzinetank, die bij aankomst nog half vol was, nu ineens leeg is. De vriendelijk vrouw heeft onze benzine gejat.